Weerstand bij voorbede, Mei 2017 Weerstand bij voorbede, Mei 2017

Voorbede is bidden voor anderen. Daarmee vertel ik u niets nieuws, denk ik. Wanneer ik ’s morgens op mijn kamer in Eltheto stille tijd houd en daarbij in gebed ga, dan pak ik ook altijd mijn voorbedeschrift erbij. Bij elke dag van de week staan een aantal namen van personen en organisaties waarvoor ik die dag bid. Voor mij is zo’n schrift een handig hulpmiddel om de voorbede vol te houden en niemand te vergeten. Toch merk ik bij mezelf soms ook wat weerstand omhoog komen als ik voor de zoveelste keer een bepaalde naam zie staan om voor te bidden. Niet dat ik weerstand voel tegen die persoon of organisatie, maar wel omdat ik na zolang bidden nog steeds geen verandering zie optreden. Je bidt om genezing voor iemand, maar hij is nog steeds ziek. Je bidt voor een geestelijke doorbraak, maar het is nog even duister voor haar. Je bidt voor verandering, maar alles lijkt wel vastgeroest te zitten bij die organisatie. Dat kan soms wat moedeloos maken en de gedachte oproepen om maar te stoppen met voorbede, want het helpt toch niet. Misschien herkent u dat ook wel vanuit uw eigen gebedsleven en voorbede. Onlangs sprak ik daar met een gemeentelid over toen we samen nadachten over Efeze 3 vers 14 t/m 21. In dat gedeelte beschrijft Paulus zijn voorbede voor de lezers van zijn brief die hij vanuit de gevangenis geschreven heeft. Een geweldig gedeelte waar heel veel in staat. Zonder daar nu al te ver op in te gaan, wil ik het volgende er wel over zeggen. Het is opvallend dat Paulus in zijn voorbede niet zoveel zegt over de mensen waar hij specifiek voorbede voor doet. Ze komen er wel in voor, maar heel beperkt. Dat betekent dat Paulus bij zijn voorbede niet zozeer op hen gericht is en dus ook niet kijkt of hij al verandering ziet in hun situatie. Wat hij wel doet is dat hij in zijn voorbede bijna voortdurend omhoog kijkt. Hij buigt zijn knieën en richt zich vervolgens op de Vader van de Heere Jezus Christus. Hij richt zich op Zijn grootheid en heerlijkheid, Zijn genade en trouw. Maar ook op Zijn geweldige rijkdom. Want Hij heeft immers de macht om veel meer te doen dan Paulus bidt en denkt door de geweldige kracht die Hij bezit. Je proeft in dat gedeelte dat de voorbede bij Paulus een heel andere dimensie heeft gekregen. Dat was voor mij een eyeopener. Niet zozeer naar de mensen en organisaties kijken terwijl je voorbede voor hen doet, maar je richten op de Vader van de Heere Jezus Christus en Zijn geweldige grootheid. Door een beroep te doen op Zijn geweldige grootheid maakt dat die weerstand verdwijnt en dat voorbede weer vreugde en blijdschap geeft. Ik heb dan ook vanmorgen vol goede moed en verwachting mijn voorbedeschrift er weer bij gepakt……..
 
Ad Vastenhoud
 

terug